Nederlands English

Mijn levensweg

In een zorgzaam middenstandsgezin werd ik geboren (1947) als tweede dochter van vijf kinderen. Na de middelbare school ben ik psychologie gaan studeren. Daarna ben ik in de psychiatrie gaan werken. Daar leerde ik de diepte en de onmacht kennen van vele beschadigde vrouwenlevens naast mijn eigen geschiedenis die van steun getuigde. Ik ontdekte daar, samen met hen, dat er veel mogelijk is als er interesse, warmte en steun is.

Vanuit de psychiatrie vertrok ik naar Kindergeneeskunde (KUN). Daar leerde ik ziekte kennen als vertegenwoordiger van de dood maar ook als neerslag van problemen in en tussen mensen. De ziekte als taal van het leven en de mogelijkheden van ouders en kinderen om juist door de ziekte (zowel psychisch als lichamelijk) aan elkaar en aan het leven te leren. Het ‘gezin’ werd mijn werkterrein. Ik leerde hierdoor luisteren naar ‘vele kanten van het gelijk’, Zo ontdekte ik de beknelling van oplossingen die mensen kiezen voor hun problemen als ze slechts één kant van het gelijk ervaren. En de ruimte die het oplevert als ze meerdere kanten ontdekken.

Ria Font Freide
In mijn eigen leven gaf het me de ruimte voor twee kinderen als alleengaand ouder en tevens de verbreding naar een meer-dimensionele werkelijkheid.

In de trainingen aan het “Light Institute” in New Mexico o.l.v. Chris Griscom leerde ik ‘vroegere levens’ van mezelf kennen; mannenlevens en vele soorten vrouwenlevens. Zo ontdekte ik dat er nog veel meer kanten aan het gelijk bestonden dan ik voor mogelijk had gehouden.

Het bracht me andere inzichten in gezinspatronen en gezinsgeschiedenissen. Dit gaf mijn werk als docent en supervisor gezinstherapie een nieuwe dimensie: het nemen van verantwoordelijkheid voor je eigen afstamming en geschiedenis. Dit geeft zowel hulpverleners als cliënten een creatieve ingang in hun eigen werkelijkheid. Beroepsidentiteit is echter slechts een aspect van je levenspad. Spirituele bewustwording is een levenshouding, geen beroep.

In 1987 begon ik aan het groeiproces Spirituele Verlos-kunde. Hierdoor leerde ik mijn dagelijkse leven zien als een aardse manifestatie van mijn eigen spirituele leerproces en daar op alle niveau’s verantwoordelijkheid voor te dragen. Ik heb mijn ervaringen hiermee verwoord in mijn boek ”Als de draden van een spinneweb…”, 1995, uitg. Andromeda.

De daarop volgende fase van mijn pad stond in het teken van mijn deelname aan het trainingsprogramma “Healing the planet, connecting the stars”. Door het reizen naar zeven verschillende bronnen van grote rivieren over de hele wereld, die allen op hun beurt weer verbonden zijn met verschillende sterrenbeelden (geëxtrapoleerd van het sterrenbeeld Orion) en het integreren van deze ervaringen op de Mid Atlantic Ridge (Azoren) ben ik thuisgekomen in mezelf als beweging en onderdeel van “Al Wat Is”.

Mijn verlangen om, na de aarde en de sterren, ook bekend te geraken met de zee, werd vervuld door een dolfijnen-ontmoeting op Hawaii.

Dit resulteerde in de geboorte van mijn sjamaan. Een sjamaan die gewoon in het dagelijkse leven, in deze tijd, met deze sociale omstandigheden, haar weten vorm geeft en de concrete bronnen van de aarde verkent: Spiritueel Vorm-gever.

Het Sjamanistisch Leerjaar is hiervan het resultaat.

Tevens leidde mijn Innerlijke Sjamaan me naar de vrouwenwijsheid in verbondenheid met de lindebomen. Dit mondde uit in een jaartraining “13 Wijze Vrouwen en de Lindelaan”, een training voor vrouwen boven de 45.

Omdat vorm-geven een onderdeel van mijn sjamanistisch pad is, is schilderen en boetseren een manier om vorm en spiritueel proces te combineren. Verschillende tentoonstellingen hebben de resultaten hiervan getoond.

Een ander aspect van mijn vorm-geven is het leggen van verbindingen tussen Nederland, Mongolië en Hawaï: extremen in balans, geen gulden middenweg. Door het geven van trainingen in deze landen en het uitwisselen van ervaring, energie en stenen heb ik wereldburgerschap vorm-gegeven.

In augustus 2005 ontdek ik dat mij een nieuwe uitdaging wacht: mijn weten doorgeven aan de generaties na mij. Het schrijven van een voorleesboek voor kinderen is de vorm die ik daarvoor kies. Mijn kinderen zijn volwassen, in mijn familie worden kleinkinderen geboren. Mijn leerlingen krijgen kinderen en kleinkinderen. Het leven van de generaties na mij is druk en vol. Tijd om voor te lezen is er  gelukkig wel. Het weten van de Wijze Maan(d)vrouwen, samen met mijn dieren en gidsen, vertaal ik naar een voorleesboek voor kinderen tussen 6 en 10 jaar.

In september 2009 is mijn voorleesboek verschenen: Ik ben een boom. En jij?

De afgelopen drie jaar hebben we als spirituele school een heftig bewustzijnsproces doorgemaakt door gezamenlijk verantwoordelijkheid te nemen voor individualiteit in verbinding:

Ik-in-Wij

Dat betekent dat de school nu van de leerlingen is met mij als Spiritueel leraar.

Dat houdt in dat je na de inauguratie, dus na het doorlopen van het tweejarige leertraject,
*deel kunt nemen aan een jonge, zich ontvouwende school met als focus Ik-in-Wij
*je dus medecreator wordt van de school in plaats van volger
*de haken en ogen van dit zich ontvouwende veld ons gezamenlijke leerdoel zijn.

Deze school krijgt dus zijn vorm door eraan deel te nemen. Niet alleen als volger, deelnemer, toeschouwer maar daarnaast als medecreator. Maar vooral door een “ja” tegen al deze “haken en ogen” van deze jonge, zich ontvouwende school te zeggen. Door er van uit te gaan dat wij elkaars totemmensen zijn. Pas dan zijn wij elkaars Goddelijke bron. Dan zullen de verschillen de voeding zijn voor onze gezamenlijke en tegelijkertijd individuele spirituele bewustwording.